Ik ga er van uit dat Doerak iets wilde eten uit het mandje. In dat mandje ligt vogelzaad en wordt elke minuut bezocht door mussen, vinken, spreeuwen en zelfs merels.
Dus voor Doerak een lekker hapje.
Maar het kan ook zijn dat ie er gewoon vandoor wilde.
Maandagmiddag kwamen we terug van een lange wandeling. Er was nog wat brood in de tas en door uitdroging was het niet meer te eten.
Dus de vogels mogen het hebben.
De stukjes werden netjes in het vogelhuis gelegd en dat had Doerak blijkbaar door. En vond hij zijn brokjes niet voldoende.
Kijk maar eens wat die doerak doet.
Dit jaar voor het eerst thuis met Koninginnedag. En dus ook de nacht voor Koninginnedag. Normaal kamperen we om het luilakken niet mee te maken.
Wil je weten wat luilakken is hier?
Luister dan naar het filmpje. Hier rijden de jongeren rondjes. Om ons wakker te maken. En ze beginnen daar om 5 uur mee.
Morgen is het Koninginnedag. Hare Majesteit heeft besloten om dit jaar haar verjaring te vieren in Rhenen en Veenendaal.
Ze komt rond half tien met de boot aan bij de kade.
Er worden heel veel mensen verwacht en de stad is versierd om te laten zien hoe blij we zijn met de komst van de familie. En de duizenden toeristen.
Vandaag worden de laatste voorbereidingen getroffen. Het is er superduper druk, de stad is afgesloten en wordt bewaakt door militairen.
De cameramensen zijn al aan het repeteren en ook interviewen de media alvast de mensen, in de trant van “the-day-before”.
Ga morgen lekker genieten, tv kijken hoeft niet meer. Hier zie je wat je morgen ook op de televisie ziet
Vis als cadeau
In 2009 kreeg ik voor mijn verjaardag een mooie bak water met een heuse waterpomp.
Voor in de tuin.
In die bak zwommen twee kleine visjes. Twee goudvisjes. Met een wereld aan zwemwater.


We moesten wel wat aanpassingen doen. Zo kon het heel hard regenen en de hoeveelheid water liep dan over de rand. Hierdoor konden de visjes over de rand zwemmen.
Dus een glazen plaat tijdens het regenen en overdag kippengaas om te voorkomen dat de katten de vissen eruit wipten.
Winter
De winter kwam er aan en we wilden voorkomen dat ze doodvroren. We kochten een aquarium en ze mochten in onze woonkamer verder groeien.
En dat deden ze snel, dus na een half jaar kochten we een nieuwe aquarium. Een grotere versie. En ook deze werd al snel te klein.

In het najaar van 2011 kocht ik een nieuwe vijver. De oude was lek en was ook eigenlijk iets te groot. Dus nodig aan vervanging toe. En dat allemaal voor de visjes.
Een week bezig geweest om overal zand te vinden en de kuil te dichten. Daarna een dag bezig geweest om de vijver goed erin te krijgen.
De visjes kregen de tijd van hun leven. Veel ruimte, een mooie bak, echte plantjes en elke dag vliegjes om te eten.


De winter was koud. Ik maakte me in december al zorgen om het ijs en was bang dat ze hun eerste winter niet zouden overleven. De eerste dagen maakte ik het ijs kapot, maar toen het ook overdag 10 graden vroor was het vechten tegen de bierkaai. En na twee weken deed ik mijn eerste pogingen om het ijs te breken. Een keteltje kokend water legde ik op het ijs en er ontstond een plek waar het ijs dunner werd. Mits ik de ketel 50 keer warm maakte en weer op het ijs legde.
Ik gaf het op en mijn blijdschap was groot toen in maart eindelijk de dooi intrad en de visjes vrolijk rond leken te zwemmen. We hadden het overleefd.
Nieuwe kat
Enkele weken geleden hebben we een nieuw katje gekocht. Tot grote ontevredenheid van Chicken en Stoffer, want die mochten niet meer naar buiten. Het kattenluikje hadden we gebarricadeerd om te voorkomen dat Doerak via de tuin de straat op ging. Eerst aan elkaar wennen. En alleen onder toezicht de tuin in.
Dus overdag was de tuin onbewaakt door onze katten. Alle ruimte voor vogels en reigers. En laat juist de familie reiger langs gekomen te zijn. Want onze visjes zijn er niet meer. Gewoon verdwenen, van de aardbodem. En uit de vijver.
De visjes die klein begonnen, waar we steeds aanpassingen voor vonden om ze te beschermen, waar we steeds nieuwe aquaria voor kochten om ze de leefruimte te geven, waar ik de hele winter voor in de rats zat omdat ik vreesde voor hun leven.
De visjes die ruim 20 centimeter werden. Altijd samen waren, waar de ene gouden een witte werd. Mooie kleine visjes die in 3 jaar tijd heel groot werden.
Ik hoop dat die reiger er in stikt!
Ik lig lekker. De zon is half verschenen, de bewolking is dun. Eigenlijk best een fijne dag, zoals vele andere dagen. Eten, spelen en slapen. Heerlijk.
Allerlei geluiden storen mij uit mijn rust. Ik zie ineens twee mensen, rustig langs lopend en geluiden makend. Ik maak ook een geluid en met de aaaahh klank wordt mijn groet beantwoord.
Ze lopen verder en maken meer geluiden maar ik draai mij nog eens om. Ik lig best lekker.
Na enkele minuten word ik toch nieuwsgierig en ik maak weer geluiden. Ik hoor iemand mijn naam noemen en ik besluit er heen te gaan. Maar hoe kom ik daar? Ik weet wel hoe ik hier zo hoog ben gekomen, maar ik weet niet meer hoe ik daar beneden kom.
Ik besluit te springen, het is slechts 1 meter 90 hoog. Het lukt mij nét. Mijn achterkant rolt bijna over mij heen als ik beneden ben gekomen.
Ik loop naar die mensen en ze raken mij aan. Best prettig en ik maak geluidjes.
Een derde persoon komt er aan en haalt mij weg uit mijn grote hok. Tien paar ogen kijken mij na terwijl de deur weer dicht gaat.
Ik mag wat rondlopen en er wordt wat gepraat. En dan ineens word ik opgetild en in een hokje geplaatst dat net zo klein is als een schoenendoos.
Ik word meegenomen naar een andere ruimte en de kist waar ik in zit wordt op een stoel gezet. De mensen hangen aan een balie en krabbelen iets met een pen en toetsen allerlei codes in op een apparaat.
Ineens word ik weer opgetild en ik kan maar net mijn evenwicht behouden. Ik zweef, ik ben duidelijk buiten. De ene persoon gaat zitten in een groot blik met wielen en ik mag met mijn kistje op zijn schoot. De andere persoon zit er naast en op de achtergrond is een brom. We bewegen ineens. Allerlei bomen, struiken en mensen gaan we voorbij. Ik maak veel geluiden terwijl ik mijn evenwicht probeer te houden.
Het duurt niet lang, ik denk 10 minuten. Ik zweef weer door de lucht en we gaan ergens naar binnen. Ik word op de grond gezet en het hekje voor mijn neus wordt weggehaald. Ik mag vrij rondlopen en er is veel te zien! Stoelen, een bank, een kast, een tafel en ik zag volgens mij ook ergens een soortgenoot.
Ik word veel aangeraakt en ik loop veel rondjes. Ik denk dat ik ook steeds dezelfde rondjes loop.
Na een half uur kom ik in contact met mijn soortgenoten. Maar die doen vreemd. Ze blazen, grommen en krijsen naar mij. Klinkt leuk, ik grom maar terug. En hun krijsen wordt erger.
Gelukkig krijg ik wel lieve aandacht van die mensen. Een paar keer word ik bruut opgetild en naar een paal met touw gebracht. Maar alleen als ik mijn nagels test op de bank. Ik denk dat ik al een beetje door heb wat zij bedoelen. Maar ik ben geloof ik eigenwijs.
Vannacht goed geslapen, ook een uurtje bij de baasjes. Maar toen ik vanmorgen trek kreeg en door het huis liep werd ik weer begroet door de soortgenoten. Maar het is geloof ik niet vriendelijk, want ze blazen en grommen en die ene zwarte krijst heel hard. Ik loop maar weg.
Die dikke rooie is grappig. Die rent naar boven en ik ren achter hem aan, maar als ie boven is doet ie weer boos.
Ik denk dat het heus wel een keer goed komt.
Ik ben in een nieuw huis gekomen, waar al soortgenoten zijn. Maar die wonen daar al een tijdje. Ik denk dat ze mij nog niet kennen of ze vinden het lastig dat ik zo veel praat.
De baasjes noemen mij wel steeds anders. Eerst werd ik Dean genoemd, al een maand op vier. Maar dat was op mijn vorige plek.
Nu noemen ze mij KZN, (kat zonder naam), Wubbels, Lefty, Theodore, Alvin, Bruce en nog wat namen. Ik denk dat ze kijken welke naam ik het leukst vind. Maar ik reageer op alles nu. Zolang ik maar eten krijg en aandacht. Ook als ze hee hee hee roepen maak ik geluidjes. Ik merk wel welke naam ze mij uiteindelijk gaan geven.




























Recente Reacties